In 1984 schreef de Amsterdamse Kunstraad een opdrachtcompetitie
uit in de landelijke vakbladen, waarop 47 beeldhouwers, onder
wie heel wat prominenten reageerden. Vier kunstenaars werden
geselecteerd die een schetsontwerp mochten uitvoeren; Eddy Roos
kreeg uiteindelijk de opdracht. Kern van zijn concept was een
vrij in de ruimte zwevende dubbelfiguur te gaan maken van twee
vrouwen die elkaar omhelzen. Voor hem het symbool van de
vrijheid. Als verklaard tegenstander van een
historisch- realistische visie die zijn inziens maar al te vaak
in tuttigheid omslaat, koos hij voor een symboliek waarmee de
bij de opdrachtprocedure betrokken, nog steeds zeer strijdbare
oud- Spanje gangers het aanvankelijk moeilijk hadden. Zij lieten
zich door Eddy Roos overtuigen en vochten naderhand als leeuwen
voor hem, toen bleek dat het beschikbaar gestelde budget lang
niet toereikend was voor de ambitieuze opzet van Eddy Roos. In
het kader van diens beeldplan om zijn dubbelfiguur hoog door de
ruimte te laten zweven had hij gekozen voor de vervaardiging van
een kostbaar spiraal- constructie. Een motief dat hij ontleende
aan Vladimir Tatlins beroemde ontwerp voor het monument van de
Derde- Wereld Internationale uit 1919, en aan een door zijn
vriend en collega Harm van Weerden ontworpen sierbestrating, waarin zich de dynamische wenteling zou herhalen.
Met dit beeld beoogt Eddy Roos een totaalbeweging tot stand te
brengen, een vormenstelsel. "De figuren pas ik in de spiraal- beweging in, zodat als je naar boven kijkt, je een
gevoel van vrijheid beleeft. Je kan mensen iets laten beleven, al
is het onbewust, door een vorm. Dat is een elementair gegeven.
Je bereikt zo vaak veel meer dan door een verhaaltje te
vertellen. Althans, dat is de bedoeling. Een dergelijk effect
moet het hebben als ik mijn werk goed doe". Voor zijn opdracht
verdiepte Eddy Roos, die al in zijn studietijd erg onder de
indruk was van de Spaanse dichter Marcos Ana, zich terdege in de
geschiedenis van de Spaanse Burgeroorlog. Hij toog ook zelf naar
Spanje, waar hij gastvrij ontvangen werd door Ana die onder
Franco 21 jaar gevangen had gezeten. Eddy Roos werd vooral
geïntrigeerd door de wisselwerking tussen de kunstenaars en
maatschappelijk leven ten tijde van de republiek. Dat besef van
een eigen cultuur leverde een hechte verbondenheid op. Ga maar
na, al die liederen van dichters die overal gezongen werden. Uit
respect voor het uiteindelijke ontwerp besloot de gemeente
Amsterdam een andere plaats voor het beeld te zoeken dan het
drukke markt- en winkelplein waarvoor het oorspronkelijk gedacht
was. De nieuwe locatie werd naar het beeld vernoemd.




